"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Telewerk hertekent de lijnen van de sociale zekerheid

Telewerk maakt nu deel uit van ons dagelijks leven. Maar de wetgeving moet nog worden aangepast aan deze belangrijke werkmethode. Nadruk op grensoverschrijdend telewerk en nieuwe bepalingen inzake sociale zekerheid.

Het is geen geheim dat telewerk de laatste jaren aan belang heeft gewonnen. Hoewel deze bepaling vaak zowel de werknemer als de werkgever ten goede komt, moet er een passende controle op worden gehouden. Door de recente pandemie en de daaropvolgende lockdown zijn de kaarten opnieuw geschud wat de geldende wetgeving betreft.

Grensarbeiders vs sociale zekerheid

Terwijl de sociale partners al maandenlang discussiëren over de herziening van cao 85 (waarin telewerk op regelmatige basis wordt beschreven), zou een andere overweging bijna onder de radar zijn verdwenen als zij niet onlangs door de RSZ opnieuw onder de aandacht was gebracht: de situatie van grensarbeiders met betrekking tot de sociale zekerheid. “Het is noodzakelijk te bepalen welk land verantwoordelijk is voor de sociale zekerheid van een werknemer die in het buitenland telewerkt”, verklaart Bruno De Pauw, adviseur-generaal Directie Internationale Betrekkingen bij de RSZ.

Om deze complexe vraag te beantwoorden, moeten drie gevallen in aanmerking worden genomen:

  • Telewerk binnen de Europese Unie: er is een juridisch arsenaal aan Europese regelgeving, dat zowel in de Europese Unie als in IJsland, Noorwegen, Liechtenstein en Zwitserland van toepassing is. “Door je te baseen op deze regelgeving, weet je welk land terzake bevoegd is”, vervolgt Bruno De Pauw.
  • Telewerk van een werknemer in een land waarmee België een socialezekerheidsakkoorden heeft gesloten: in geval van telewerk in bijvoorbeeld de VS, Canada, Zuid-Korea, India of Japan hebben deze bilaterale overeenkomsten tussen België en deze landen voorrang.
  • Telewerk vanuit andere landen: je moet je houden aan de interne regels die gelden in België en in het land waar het telewerk plaatsvindt.

Terwijl de eerste situatie een vrij duidelijke en volledige oplossing voor het probleem biedt, zouden de laatste twee gevallen meer problemen kunnen opleveren. “En met reden, er zou bijna een volledige opleiding nodig zijn om alle subtiliteiten van de Europese, bilaterale en Belgische regels in kwestie te kennen”, verzekert Bruno De Pauw.

Twee vormen van telewerk, twee verschillende behandelingen

Telewerk kan twee zeer verschillende vormen aannemen. “Enerzijds is er wat we gewoonlijk “workation” noemen (een soort werkvakantie) en anderzijds de hybride vorm van telewerk.

In het algemeen wordt de “workation” gedefinieerd als een periode van werken op afstand na een vakantieperiode in een ander land. “Alle bedrijven worden ooit met deze situatie geconfronteerd. De werknemer vraagt zijn werkgever toestemming om enkele dagen of zelfs weken vanuit het buitenland te werken. Vanwege de korte periode van telewerken behoudt de werknemer gewoonlijk de sociale zekerheid van het land waar hij gewoonlijk werkt. En dit geldt ongeacht het land waar zij zich bevinden. “In België blijft de werkgever tijdens deze periode de werknemer aangeven bij de RSZ.

De voorwaarde van 25%

Voor hybride telewerk in Europa is de situatie iets ingewikkelder. In dit soort situaties brengt de werknemer een deel van zijn of haar tijd op kantoor door en het andere deel op afstand in een of meer landen. En dit op regelmatige en langdurige basis. “De werknemer zal onderworpen zijn aan het socialezekerheidsstelsel van het land waar hij woont, op voorwaarde dat hij daar ten minste 25% van zijn tijd doorbrengt. Bij minder dan 25% valt de werknemer onder de sociale zekerheid van het land waar de werkgever is gevestigd. Hybride werk waarbij andere landen betrokken zijn, moeten zorgvuldig worden overwogen en brengen grote uitdagingen met zich mee.

Opschudding door de pandemie

Hoewel telewerk in veel bedrijven slechts een uitzondering op de regel was, werd het een gewoonte tijdens covidpandemie. Om te voorkomen dat de gezondheidstoestand zou verslechteren, besloten de Europese regeringen de pandemie te beschouwen als een geval van overmacht.

De normale toepassing van de regels voor het bepalen van het bevoegde land wordt dan opgeschort. “Van maart 2020 tot eind juni 2022 besliste Europa om het land dat voorheen bevoegd was voor hybride telewerk, te bevriezen”, vervolgt Bruno De Pauw. “Dit betekent dat je voor langere tijd van thuis kunt telewerken voor een in het buitenland gevestigd bedrijf, zonder dat dit een wijziging van het socialezekerheidsstelsel in uw verblijfsland met zich meebrengt”.

Juridische oplossing aangepast aan de nieuwe realiteit

Sommige werknemers testen deze vorm van werken op afstand voor het eerst en kregen de smaak te pakken. Werkgevers merken hetzelfde. In veel Europese landen wint een idee terrein: moet de socialezekerheidswetgeving niet worden gewijzigd om belemmeringen weg te nemen en telewerk aan te moedigen nu de crisis voorbij is?

Europa heeft besloten de bevriezing inzake hybride telewerk te verlengen tot eind 2022. “Ze introduceert een overgangsperiode. Het doel is om een juridische oplossing te vinden die aan deze nieuwe realiteit is aangepast.” Momenteel zijn de besprekingen nog gaande. En er gaan geruchten dat er naast de aanpassingen van de sociale zekerheid ook fiscale bepalingen moeten komen.

De Limosa-aangifte als controle-instrument voor telewerk in België

In een recente nieuwsbrief herinnerde de RSZ aan het belang van het invullen van de Limosa-aangifte in geval van hybride telewerk in België voor rekening van een buitenlandse werkgever. Maar waar gaat het over? “Deze aangifte maakt het mogelijk om vanuit België alle informatie over de activiteiten van een werknemer of telewerker te verzamelen”, legt Bruno De Pauw uit.

Dit systeem, dat in 2007 in België werd ontwikkeld, werd al snel het onderwerp van een Europese richtlijn. “Elke buitenlandse onderneming die een werknemer in België detacheert of een werknemer gedeeltelijk in België tewerkstelt, moet deze verklaring invullen. Zelfs al blijft de overgangsperiode voor hybride telewerk duren. “De bevriezing geldt alleen voor de berekening en overdracht van sociale zekerheid van het ene land naar het andere. Niet voor de Limosa-aangifte, die sinds 1 juli niet meer geschorst is! Zo kan de RSZ beschikken over betrouwbare statistieken over werknemers in België en nagaan of de regels worden nageleefd. Indien deze aangifte niet wordt ingevuld, kunnen de ondernemingen strafrechtelijke sancties van niveau 4 opgelegd krijgen. Daarom is het beter om niet afgeleid te zijn!

Lees verder:

Bastien Craninx
Bastien Craninx est journaliste et copywriter freelance. Affamé d'histoires à raconter et exalté par les mots et leurs sonorités, il dévoue sa plume aux sujets d'hier et d'aujourd'hui. Particulièrement intéressé par le monde de l'entreprise, il aime en décortiquer les rouages et mettre en lumière ses évolutions, ses secrets, ses nouveautés. Bekijk alle berichten van Bastien Craninx

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.