"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Wat betekent het regeerakkoord voor jou en je vennootschap?

De nieuwe federale beleidslijnen zijn vastgelegd, maar wat betekent dit concreet voor jouw vennootschap? We zetten de belangrijkste maatregelen op een rij, zodat je goed voorbereid bent op wat komt.

Op 31 januari 2025 werd het nieuwe federale regeerakkoord goedgekeurd. De beschikbare teksten bevatten enkel nog maar algemene principes. De concrete uitwerking van de maatregelen volgt later. Waar kan je je (op basis van deze voorlopige teksten) als bedrijfsleider met een vennootschap aan verwachten? We lijsten de voornaamste maatregelen voor je op. Van zodra er meer concrete info beschikbaar is, brengen we je daarvan zo snel mogelijk op de hoogte.

1. Je loon als bedrijfsleider

  • Het bestaande minimumloon van 45.000 euro voor bedrijfsleiders om te kunnen genieten van het verlaagd tarief in de vennootschapsbelasting wordt opgetrokken naar 50.000 euro en zal voortaan geïndexeerd worden. Je zal met andere woorden elk jaar wat meer loon moeten opnemen om het verlaagd tarief te kunnen genieten. Of het interessant is om je loon als bedrijfsleider op te trekken tot 50.000 euro, lees je hier.
  • Lagere personenbelasting op je loon: het loon dat je uit je vennootschap opneemt, zal in principe lager belast worden door een verhoging van de belastingvrije som.
  • Je bedrijfsleidersbezoldiging zal in de toekomst voor maximaal 20% van het jaarlijkse brutoloon uit voordelen van alle aard mogen bestaan.
  • Er komt een wettelijk kader voor ‘kosten eigen aan de vennootschap’.
  • Ook als je na je pensioen nog verder wil werken, zal je in principe minder belastingen betalen op wat je bijverdient (een ‘bevrijdende heffing van 33%’).

2.    Harmonisering VVPR-bis en liquidatiereserve

Zowel de VVPR-bis regeling als de liquidatiereserve zijn technieken om de dividenden die je uit je vennootschap opneemt tegen slechts 15% resp. 13,64% te laten belasten in de plaats van tegen de normale 30% roerende voorheffing.

Naast de tarieven zijn de voorwaarden voor beide regelingen ook verschillend, wat ze nodeloos complex maakt. Daarom worden de belastingdruk en de voorwaarden zoveel mogelijk geharmoniseerd. Daardoor zal je in beide gevallen een ‘wachttermijn’ van slechts 3 jaar (in plaats van 5 jaar nu voor de liquidatiereserve) moeten respecteren om van het verlaagd rv-tarief op je dividenden te kunnen genieten. De belastingdruk zal voortaan in beide gevallen 15% bedragen. Keert je vennootschap je na minder dan 3 jaar een dividend uit, dan zal je in beide gevallen 30% roerende voorheffing betalen.

3.    Meerwaardebelasting op aandelen

Hoe is het nu?

Op dit moment zijn de meerwaarden die je privé realiseert op aandelen (van je eigen vennootschap of die je als belegging aanhoudt) in principe belastingvrij.

Wat verandert er? 

Meerwaarden op beleggingen

Op de meerwaarden die je realiseert op aandelen die je (privé) als belegging aanhoudt en ook op de meerwaarden op andere financiële activa zoals cryptomunten, zal je voortaan 10% belastingen (‘solidariteitsbijdrage’) moeten betalen. Niet op de volledige meerwaarde, maar op de meerwaarde die vanaf de invoering van die belasting ontstaan is, tot op het moment van de verkoop. Met andere woorden de meerwaarden die op vandaag bestaan op bijvoorbeeld aandelen die je 6 jaar geleden gekocht hebt, zal niet belast worden. De bijkomende meerwaarde die ontstaan is vanaf het moment van de invoering van deze belasting tot op het moment van de verkoop, zal wél belast worden.

De minderwaarden die je realiseert (lees: de verliezen die je op aandelen maakt bij de verkoop) zijn van de belastbare meerwaarden aftrekbaar, maar enkel in het jaar van de verkoop. Je moet met andere woorden in dat jaar voldoende belastbare meerwaarden hebben waarvan je je verliezen kan aftrekken, anders ben je die verliezen kwijt.

De eerste 10.000 euro per jaar aan meerwaarden die je realiseert, is wel vrijgesteld van belasting. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

Meerwaarden op aandelen van je eigen vennootschap 

Verkoop je (een deel van) de aandelen van je eigen vennootschap (lees: een vennootschap waarin je een ‘aanmerkelijk belang’ van minstens 20% bezit), dan wordt:

  • De eerste schijf van 1.000.000 euro vrijgesteld van belasting.
  • De schijf tussen 1.000.000 euro en 2.500.000 euro tegen 1,25% belast.
  • De schijf tussen 2.500.000 euro en 5.000.000 euro tegen 2,50% belast.
  • De schijf tussen 5.000.000 euro en 10.000.000 euro tegen 5% belast.
  • Alles boven de 10.000.000 euro tegen 10% belast.

4.    DBI-bevek

Hoe is het nu?

Je KMO-vennootschap kan haar overtollige cash beleggen in een zogenaamde ‘DBI-bevek’. Kort samengevat komt het erop neer dat de inkomsten uit en meerwaarden op die belegging (zo goed als) niet belast worden omdat die bevek voldoet aan de voorwaarden om van de DBI-aftrek te kunnen genieten (DBI staat voor definitief belaste inkomsten).

Wat verandert er?

Wanneer je vennootschap die belegging weer verkoopt, zal ze voortaan op de meerwaarde 5% belastingen moeten betalen. Bovendien moet je als bedrijfsleider een minimale jaarbezoldiging van minstens 50.000 euro (die jaarlijks geïndexeerd wordt) opnemen uit je vennootschap opdat de dividenden die je uit de DBI-bevek ontvangt, belastingvrij zouden zijn (lees: de betaalde roerende voorheffing mag in mindering van de vennootschapsbelasting gebracht worden).

5.    Exit belasting

Wil je je vennootschap naar het buitenland verhuizen, houd er dan rekening mee dat deze verhuis in België gelijkgesteld wordt met de liquidatie van de vennootschap en dus ook als dusdanig belast wordt (in principe 30% roerende voorheffing op de zogenaamde liquidatiebonus, of eventueel geen belasting indien je een liquidatiereserve aangelegd hebt).

6.    Maaltijdcheques

Geef je maaltijdcheques aan je personeel, dan zal je het bedrag daarvan in de komende jaren twee keer met 2 euro mogen verhogen (de aftrekbaarheid van de werkgeverskost zal overeenkomstig verhoogd worden). Andere cheques (ecocheques en dergelijke) zullen verdwijnen.

7.    Afschrijvingen

KMO’s zullen (bepaalde investeringen) opnieuw zogenaamd ‘degressief’ mogen afschrijven (lees: een investering in de eerste jaren sneller afschrijven).

8.    Vennootschapsbijdrage

De hoogte van de vennootschapsbijdrage wordt aangepast in functie van het balanstotaal, zodat kleine ondernemingen minder moeten betalen en grote meer.

9.    Extralegaal pensioen

  • De verschillende extralegale pensioenstelsels voor ondernemers uit de zogenaamde tweede pijler, namelijk het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ) en de Individuele Pensioentoezegging (IPT) worden geharmoniseerd en vereenvoudigd. Bovendien zou je een (iets) hoger bedrag in je VAPZ kunnen storten.
  • Ook de zogenaamde 80%-grens zal voortaan anders berekend worden.
  • Het zal ook niet meer mogelijk zijn om op het einde van je loopbaan kortstondig je loon te verhogen om op die manier nog een extra grote premie in je IPT te kunnen storten. Er zal immers gekeken worden naar je gemiddeld loon van de laatste jaren van je loopbaan en de premie zal ook berekend worden op basis van informatie die beschikbaar is in de overheidsdatabanken zoals My Pension, My Career en de databank van de FOD Financiën zodat een efficiënte controle mogelijk is.
  • Het zal ook niet langer toegelaten zijn om nog tijdens je actieve loopbaan al een stuk van het reeds opgebouwd kapitaal van je IPT op te nemen om in onroerend goed te investeren, behalve voor de financiering van je enige eigen woning.
  • Er komt tenslotte ook een hogere solidariteitsbijdrage op het deel van de uitgekeerde pensioenkapitalen boven de 150.000 euro.

10.    Investeringsaftrek

De investeringsaftrek (dat is een extra fiscale aftrek bovenop de afschrijvingskost van de investering) wordt onbeperkt overdraagbaar naar de volgende jaren (wanneer je in het jaar van de investering onvoldoende belastbare winst hebt om de investeringsaftrek volledig op te souperen).

11.    Groene investeringen

  • Investeringen in groene energie, technologie en klimaatvriendelijke innovaties zullen door de overheid ondersteund worden. Daarom zal de investeringsaftrek niet alleen onbeperkt overdraagbaar worden (zie hoger), maar de ‘groene’ investeringsaftrek zal daarnaast vereenvoudigd en toegankelijker gemaakt worden, vooral voor investeringen in energietransitie (de voorwaarden om op deze aftrek recht te hebben, worden versoepeld).
  • De tarieven van de verhoogde investeringsaftrek voor de energie-, mobiliteits- en milieulijsten zullen geharmoniseerd worden naar 40%.
  • Zodra er voldoende betaalbare alternatieven op de markt zijn, zal het voordeel voor nieuwe fossiele bestelwagens uitgefaseerd worden. Bij wijze van stimulans zal een tijdelijke verhoogde aftrek voor elektrische bestelwagens en vrachtwagens ingevoerd worden.

12.    Autokosten

  • Er komt een eenvoudigere regeling met betrekking tot de zogenaamde ‘verworpen uitgaven’.
  • Er komt ook een eenvoudigere regeling met betrekking tot de aftrekbeperkingen van autokosten, met minder administratieve lasten. De vrijstelling van meerwaarden op bedrijfsvoertuigen wordt afgeschaft.
  • Er wordt een langere overgangsperiode voorzien voor hybride bedrijfswagens: 
    • Het maximale aftrekpercentage van 75% wordt behouden tot eind 2027. Het zal vervolgens dalen naar 65% in 2028 en 57,5% in 2029 (gelijktijdig met de daling voor elektrische wagens).
    • Deze aftrekpercentages zijn van toepassing voor de gehele gebruiksduur van de wagen door dezelfde eigenaar/huurder.
    • Bovendien wordt een uitzondering voorzien op de beperkte aftrekbaarheid voor de kosten van hybride auto’s met een uitstoot van maximaal 50 gram/km. Indien het percentage volgens de aftrekformule hoger is dan 75%, mag tot eind 2027 het hogere percentage toegepast worden.
    • De brandstofkosten van hybride wagens blijven 50% aftrekbaar tot eind 2027. De elektrische verbruikskosten van hybride wagens krijgen dezelfde aftrekbaarheid als die voor volledig elektrische modellen.

13.    Btw en vastgoed

  • Het btw-tarief voor de levering en installatie van warmtepompen zal voor de komende vijf jaar van 21% naar 6% verlaagd worden.
  • Het btw-tarief voor de levering en installatie van een verbrandingsketel op fossiele brandstoffen daarentegen (gas, mazout …) wordt verhoogd van 6% naar 21% in het kader van een renovatie (voor woningen ouder dan 10 jaar).
  • Het bestaande toepassingsgebied voor sloop en heropbouw tegen 6% btw wordt uitgebreid naar ‘leveringen’ (lees: de verkoop van een nieuw pand dat gebouwd werd na afbraak van een bestaand pand). Bij leveringen wordt het oppervlaktecriterium evenwel verstrengd van 200m² naar 175m².
  • Er zal een duidelijke definitie uitgewerkt worden voor de begrippen ‘renovatie’ en ‘vernieuwbouw’ (nu is dat een ‘feitenkwestie’ waarvan de beoordeling gebaseerd wordt op de rechtspraak en administratieve richtlijnen).

14.    Auteursrechten

Het fiscale gunstregime voor auteursrechten wordt uitgebreid om een einde te maken aan de bestaande discriminatie tussen digitale beroepen (die momenteel niet van het regime kunnen profiteren) en bepaalde andere beroepen. Concreet zullen ook informatici voor het schrijven van computerprogramma’s voortaan (opnieuw) van dit gunstregime kunnen genieten.

15.    Fiscale controle

  • Bij een fiscale controle zal in geval van een eerste fout te goeder trouw geen automatische belastingverhoging van 10% meer opgelegd worden, maar krijg je enkel een verwittiging. Ook het huidig aftrekverbod in de vennootschapsbelasting zal enkel nog van toepassing zijn bij herhaaldelijke overtredingen waarbij een belastingverhoging van minstens 10% toegepast wordt, en niet meer bij overtredingen te goeder trouw of administratieve vergetelheden.
  • Het boetebeleid inzake btw wordt gemoderniseerd. Voor de vaststelling van de proportionele geldboete wordt onder andere rekening gehouden met de verzachtende omstandigheid dat de Belgische schatkist door de inbreuk geen financieel nadeel heeft geleden.

16.    Fiscale regularisatie

In overleg met de gewesten (die bevoegd zijn voor onder andere de registratie- en successierechten) wordt een nieuwe en permanente regeling met betrekking tot (para)fiscale regularisatie uitgewerkt, met tarieven van 30% voor niet-verjaard kapitaal en 45% voor verjaard kapitaal, behalve voor wie goede trouw kan aantonen.

17.    Administratieve vereenvoudiging

  • Vereenvoudiging van het UBO-register: alle informatie die in het UBO-register moet komen en reeds via andere kanalen (notaris, KBO …) beschikbaar is, moet rechtstreeks doorstromen naar het UBO-register (zonder kosten of lasten).
  • Via My Enterprise zal je kosteloos wijzigingen met betrekking tot de KBO kunnen doorvoeren.
  • Uitbreiding van het gebruik van de e-Box Enterprise: deze e-box zal door alle overheidsdiensten gebruikt moeten worden.
  • De regering voorziet een ICT-omgeving voor de publicaties in het Belgisch Staatsblad, die rechtstreeks online ingediend kunnen worden met behulp van een duidelijk en toegankelijk formulier.

18.    Jobstudenten

Werk je regelmatig met jobstudenten, dan zullen zij voortaan méér mogen werken (tot 650 uur) én verdienen (tot 12.000 euro) zonder belast te worden of niet langer ten laste van hun ouders te zijn.

19.    Horeca en voedingssector

  • De witte kassa wordt ingevoerd in de gehele horeca. Daardoor kunnen heel wat administratieve verplichtingen geschrapt worden zoals de verplichting tot het uitreiken van rekeningen.
  • Het verplicht gebruik van de witte kassa wordt ook uitgebreid naar andere ‘fraudegevoelige sectoren’ (met een tolerantie voor kleinschalige activiteiten tot 25.000 euro; deze drempel bestaat al, maar de berekening ervan zal aangepast worden).
  • De betrouwbaarheid van de witte kassa zal verbeterd worden met het oog op een verbeterde traceerbaarheid. Er wordt onderzocht of er ingezet kan worden op software met betrekking tot kasregisters met analyseerbare export en zonder de mogelijkheid informatie definitief te wissen. Er wordt in een bijkomende ondersteuning voorzien om de invoering van de witte kassa te faciliteren.
  • Ondernemingen worden vaak fiscaal benadeeld wanneer zij voedsel of non-voedingsmiddelen wegschenkenin plaats van deze weg te gooien of te vernietigen. Dergelijke schenkingen van goederen (behalve bepaalde categorieën zoals alcohol) aan door de FOD Financiën erkende liefdadigheidsorganisaties zullen niet langer fiscaal gediscrimineerd worden.
    • Voor de directe belastingen zal de kostprijs van de geschonken goederen aftrekbaar zijn.
    • Voor de btw bestaat er al een regeling, die versoepeld zal worden, onder andere met betrekking tot de levensduur van levensmiddelen die weggeschonken worden. De bestaande lijst van andere goederen die op een ‘btw-vriendelijke’ manier weggeschonken kunnen worden, zal herbekeken worden.

20.    Elektronische facturatie

  • De regering wil vanaf 2028 e-reporting verplichten. Concreet komt dit neer op een near real-time reporting van data naar de overheid. Met andere woorden alle facturen die je als ondernemer opstelt en verstuurt, zullen via het systeem van e-reporting bij de overheid terechtkomen.
  • Daarnaast zal deze verplichting ook gelden voor de gebruikers van een witte kassa met betrekking tot hun kassatickets.
  • Het doel van deze maatregel is het vermijden van btw-fraude en het verminderen van de administratieve lasten van ondernemers (lees: het automatiseren van de btw-aangifte en btw-klantenlisting).
  • Ook voor de overheid zal het gebruik van gestructureerde elektronische facturen naar ondernemingen toe verplicht zijn, net zoals dat vanaf 1 januari 2026 voor álle btw-plichtige ondernemingen het geval zal zijn.

21.    Verpakkingsheffing

De verpakkingsheffing wordt verlaagd voor alle producten die bovengemiddeld duurder zijn dan in de buurlanden en de verpakkingsheffing voor herbruikbare verpakkingen wordt afgeschaft.

22.    Professionele diesel

Voor de professionele diesel wordt een competitief voordeel behouden dat voldoende groot is ten aanzien van Frankrijk en de andere buurlanden.

23.    Elektriciteit

Het accijnstarief op elektriciteit wordt voor ondernemingen verlaagd naar het Europese minimum. Voor energie-intensieve bedrijven worden de transmissienettarieven voor elektriciteit verlaagd tot op het niveau van onze buurlanden.

Bron: SBB – Wat betekent het regeerakkoord voor jou en je vennootschap?

Lees ook :

SBB is een Vlaams accountants- en advieskantoor met 30 vestigingen (zie hier voor een overzicht) en meer dan 20.000 cliënten uit alle sectoren. U kan bij SBB terecht voor vragen in verband met accountancy, fiscaliteit, milieu- en omgevingsadvies, zakelijk-juridisch advies, strategisch advies, successieplanning en startersadvies. Bekijk alle berichten van SBB