SLUIT MENU

Een vennootschap oprichten: 3 fiscale aandachtspunten

Bij de overstap van jouw eenmanszaak naar een vennootschap kan de oprichting van jouw vennootschap fiscale consequenties hebben op de verdere werking ervan. Welke precies, dat vertelt het accounts- en advieskantoor SBB.

1.    Inbreng in geld of natura?

Bij de oprichting van jouw vennootschap heb je werkmiddelen nodig, dit kan onder andere via een inbreng in geld of in natura. Die keuze heeft gevolgen op het verdere verloop van de vennootschap. Doe je een inbreng in geld, dan moet je voordat je naar de notaris gaat het geld storten op een geblokkeerde rekening. Bij een inbreng in natura moet je de waarde van de ingebrachte goederen laten bepalen door een bedrijfsrevisor, deze procedure is daardoor duurder dan een inbreng in geld.

Het grote verschil tussen een inbreng in geld en inbreng in natura is een mogelijk verlaagde roerende voorheffing bij een dividenduitkering. Voor de zogenaamde VVPR-bis is namelijk een inbreng in geld vereist, bij een inbreng in natura kan je dus niet genieten van het 15%-tarief. Je kan echter wel een liquidatiereserve aanleggen en na 5 jaar uitkeren aan 5%. De aard van de inbreng is immers niet van belang voor de verlaagde roerende voorheffing op de uitkering van liquidatiereserves.

2.    Reken je goodwill aan?

Bij de overstap van jouw eenmanszaak naar een vennootschap kan je goodwill aanrekenen. Goodwill is de prijs betaald voor de verwerving van een onderneming voor zover deze hoger is dan de nettowaarde van actief- minus passiefbestanddelen van de verworven onderneming. Met andere woorden: de commerciële waarde van een onderneming die bestaat naast de eigenlijke vermogensbestanddelen zoals gebouwen, voorraden …. Goodwill is ruim en kan bestaan uit cliënteel, knowhow, ligging van onderneming, bezit van merken of patenten, bestaande contracten met leveranciers en klanten, aanwezige zakenrelaties, naam, reputatie, kwaliteit van personeel … .

Maar hoeveel is de goodwill van je eenmanszaak waard? Goodwill is zeer onstabiel en wordt beïnvloed door verschillende factoren zoals concurrentie en de zaakvoerder zelf. Je neemt voor deze waardering best een deskundige onder de arm die een waarderingsverslag opstelt.

De aanrekening van goodwill bij de overstap van een eenmanszaak naar een vennootschap is belastbaar aan 10% of 33%  ten belope van de 4×4-regel. Het bedrag dat deze grens overschrijdt, is belastbaar aan de progressieve tarieven. De vennootschap kan op haar beurt deze goodwill fiscaal afschrijven, je bekomt hierbij een belastingvoordeel van 20% of 25% naargelang het tarief van de vennootschapsbelasting.

Het voordeel dat je bekomt door goodwill in te brengen in of te verkopen aan jouw vennootschap is soms financieel niet de interessantste optie. SBB helpt je graag bij het bekijken van de mogelijke opties.

3.    Fiscale voordelen voor startende kleine vennootschappen

Startende kleine vennootschappen genieten een aantal fiscale voordelen in hun eerste jaren na oprichting. De oprichting van de vennootschap vindt plaats op het moment van neerlegging van de oprichtingsakte bij de griffie van de ondernemingsrechtbank. Bij de overstap van een eenmanszaak naar een vennootschap moet je vaak terug in de tijd kijken.

De Tax Shelter voor startende ondernemingen is van toepassing op startende kleine vennootschappen. De investering moet gebeuren naar aanleiding van de oprichting van de vennootschap of een kapitaalverhoging binnen vier jaar na de oprichting. Bij een voortzetting van een werkzaamheid van een eenmanszaak door een kleine vennootschap moet de vennootschap zijn opgericht op het ogenblik van de eerste inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) door die eenmanszaak.

Om het verlaagd vennootschapsbelastingtarief te genieten, moet je gedurende de eerste vier belastbare tijdperken vanaf de oprichting geen minimumbezoldiging uitkeren. Indien de opgerichte vennootschap een activiteit verderzet van een eenmanszaak, moet je voldoen aan twee cumulatieve voorwaarden:

  • Het moet gaan over de eerste vier boekjaren sinds de oprichting van de nieuwe vennootschap; en
  • De activiteit moet gedurende het volledige boekjaar van de vennootschap nog geen vier jaar oud zijn, te rekenen vanaf de eerste inschrijving in de KBO door die eenmanszaak.

Bij onvoldoende voorafbetalingen moet jouw vennootschap een belastingvermeerdering betalen. Kleine vennootschappen zijn niet verplicht om voorafbetalingen te doen voor de eerste drie boekjaren vanaf hun oprichting. Wanneer je de activiteit van een eenmanszaak voortzet, moet je – in tegenstelling tot de vorige voordelen – niet kijken naar de opstart van die eenmanszaak maar gewoon naar de oprichting van de kleine vennootschap.

Bron: Een vennootschap oprichten: 3 fiscale aandachtspunten

Lees ook:

SBB is een Vlaams accountants- en advieskantoor met 30 vestigingen (zie hier voor een overzicht) en meer dan 20.000 cliënten uit alle sectoren. U kan bij SBB terecht voor vragen in verband met accountancy, fiscaliteit, milieu- en omgevingsadvies, zakelijk-juridisch advies, strategisch advies, successieplanning en startersadvies. Bekijk alle berichten van SBB

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.